Terug naar overzicht Jubileumboek Toegankelijkheid op koers

Eric Velleman vertelt...

Wat ooit begon met één man - een docent aardrijkskunde bij Bartiméus, die de topografische kaarten voor zijn slechtziende leerlingen digitaal toegankelijk wilde maken – is uitgegroeid tot een expertisecentrum van wereldformaat voor ICT-toegankelijkheid.

Eric VellemanDie ene man is Eric Velleman, sinds zijn docentenjaren voortdurend op zoek naar de mogelijkheden en vooral beperkingen van ICT-toepassingen. ‘In 1995, toen internet al gemeengoed begon te worden, was digitaal ontsloten lesmateriaal voor mijn leerlingen nog in geen velden of wegen te bekennen’, vertelt Velleman. ‘Ik ben dus zelf maar alle gegevens gaan verzamelen om dat te realiseren. Samen met de Universiteit Utrecht heb ik onderzocht wat slechtzienden nodig hebben om topografische kaarten te kunnen lezen, en aan welke technische specificaties die digitale versie moest voldoen.’ 

En van het een kwam het ander. ‘Nadat we dat materiaal ontwikkeld hadden, werd mij gevraagd of ik met die kennis ook eens naar het – toen nog overzichtelijk kleine – internet wilde kijken’, gaat Velleman verder. ‘Tot mijn verbazing was er weinig informatie over internettoegankelijkheid te vinden, laat staan dat er richtlijnen waren. Op basis van ons onderzoek zijn we toen zelf maar aan de slag gegaan.’ De resultaten werden vastgelegd in Site Seeing, internationaal het eerste boek over internettoegankelijkheid.

Daarmee was het expertisecentrum geboren en stond de telefoon van Velleman roodgloeiend. ‘Het ene moment zit je op je kamertje wat te pionieren, het volgende moment heb je een heel bureau te managen, en adviseer en vergader je wereldwijd over internationale toegankelijkheidsrichtlijnen!’ Velleman verbaast zich er nog steeds over.

De gedrevenheid van de docent die zijn slechtziende leerlingen wilde helpen, is er nog steeds. ‘Ik dacht destijds – net als velen – dat internet en computers de wereld een stuk eenvoudiger zouden maken voor mensen met een functionele beperking. Maar juist deze groep wordt, toen en nu, bij ICT-ontwikkelingen vaak over het hoofd gezien. Net als destijds voor de slechtziende leerlingen, zet ik me nog steeds in om ICT ook voor hen toegankelijk te maken.’ En net als toen is er wat dat betreft nog een wereld te winnen. ‘Sinds 1999 bestaan de wereldwijde toegankelijkheidsrichtlijnen. Maar die zijn nog lang niet algemeen bekend. Dat heeft niets te maken met onwil, maar eerder met onwetendheid. Vandaar dat we bij Accessibility veel tijd besteden aan bewustwording. Via campagnes, trainingen en toetsingen, maar ook door bij de overheid aan te dringen op richtlijnen – zij heeft daarin immers een voorbeeldfunctie.’ Ook in EU-verband en wereldwijd zet Accessibility zich in voor toegankelijkheidsrichtlijnen. 

Alle goede bedoelingen ten spijt is Velleman zich ervan bewust dat Accessibility ook wel eens als lastig wordt gezien: ‘Die richtlijnen worden soms ook als een hindernis ervaren: nog meer regels om je aan te houden als organisatie! Wij leggen dan uit dat een toegankelijke website bouwen slechts een paar procent meer ontwikkelkosten met zich meebrengt, maar dat je er vervolgens weinig onderhoudskosten aan hebt, zodat je dit snel terugverdient. En dat zo’n toegankelijke website bovenal uitstekend vindbaar is voor zoekmachines; dat scheelt weer in het marketingbudget!’

Bovendien stelt Accessibility alle informatie en tools voor het bouwen van een toegankelijke website gratis ter beschikking via haar website. ‘Op die manier proberen wij de drempel om toegankelijke websites te maken zo laag mogelijk te houden’, legt Velleman uit. ‘En wie daar liever wat hulp bij inroept, kan bij ons trainingen volgen, of onze telefonische hulpdienst raadplegen.’

Samen met de toetsingen zijn die trainingen een goede manier om het expertisecentrum financieel gezond te houden. ‘We vielen oorspronkelijk onder de hoede van Bartiméus – en zonder hun steun in al die jaren hadden we nooit al deze kennis en kunde kunnen opbouwen. Maar met onze betaalde diensten kunnen we al het voorlichtings-, lobby- en onderzoekswerk sinds 2008 bijna helemaal zelf financieren’, legt Velleman uit.

En dat er voorlopig nog een hoop werk voor Accessibility te doen is, daar twijfelt Velleman niet aan. ‘Het blijkt een kwestie van lange adem, maar we blijven ons inzetten om mijn leerlingen van toen mee te kunnen nemen in de vaart der volkeren.’

Vorig artikel: Samen werken aan een toegankelijk internet

Volgend artikel: Met je ogen dicht op internet

Tags:
Categorie:
Projecten en publicaties
  • Delen op Facebook
  • Delen op Twitter
  • Delen op LinkedIn