Terug naar Wet- en regelgeving

De lidstaten van de Europese Unie

Hoewel het invoeren van een gemeenschappelijke munteenheid in zekere zin tot een Europese eenwording heeft geleid, bestaan er nog steeds grote onderlinge verschillen tussen de lidstaten. Dit zien we met name terug in de wijze waarop richtlijnen van de Raad van de Europese Unie door de lidstaten worden geïmplementeerd. Elke lidstaat behoudt bij die implementatie een kleine keuzevrijheid. De richtlijn schrijft slechts een bepaald doel voor en niet het middel waarmee dat doel dient te worden bereikt. De discrepantie tussen de wet- en regelgeving van diverse lidstaten, die mede door deze marge ontstaat, leidt regelmatig tot rechtszaken bij het Europees Hof van Justitie.

Spanje

Per Koninklijk Besluit van november 2007 is in Spanje bepaald dat alle sites van de overheid toegankelijk moeten zijn op 31 december 2008. De overheid zal een "Observatorium" inrichten om dat te toetsen. Opvallend is dat de regeling ook geldt voor grote bedrijven in belangrijke sectoren van de maatschappij. Als voorbeeld worden bijvoorbeeld energiebedrijven en telecom genoemd. Het Koninklijk Besluit is een reactie op vele jaren van aanmoediging en regels die niet tot een noemenswaardige vooruitgang van de toegankelijkheid hebben geleid. In Spanje heeft men een eigen vertaling van WCAG1.0 tot nationale norm omgewerkt. Het Koninklijk Besluit eist dat websites voldoen aan de Spaanse norm die globaal overeenkomt met prioriteit 2 van de WCAG1.0 eisen (globaal te vergelijken met WCAG2.0 niveau AA). De Spanjaarden hebben net als de Amerikanen in de oude versie van Section 508 een aantal niet juridische ijkpunten vervanen door ijkpunten van een hogere prioriteit.

Denemarken

In 1993 is Denemarken toegetreden tot de Standaard Regels betreffende het bieden van gelijke kansen voor gehandicapten. Deze resolutie van de Verenigde Naties beoogt de gelijke behandeling van mensen met een functiebeperking te waarborgen. Artikel 5 van deze Standaard Regels draagt de lidstaten op om ervoor te zorgen dat mensen met een functiebeperking toegang krijgen tot informatie. Bovendien moeten staten digitale informatie(systemen) toegankelijk maken voor gehandicapten.

Om aan deze regels te voldoen, is Denemarken een Actieplan gestart. Hoewel dit plan vrijblijvend is, wordt met name bij de Deense overheidsinstanties veel waarde gehecht aan de ontwikkeling van toegankelijke sites. De websites van Deense overheidssectoren worden periodiek gecontroleerd op toegankelijkheid. De uitslagen van deze controle worden op een openbare site bekendgemaakt. Bovendien is een gebruikerspanel, bestaande uit mensen met een functiebeperking, ingesteld dat feedback geeft over de toegankelijkheid van overheidssites.

De meeste Europese landen gebruiken een soortgelijke aanpak als Denemarken. Deze zullen hieronder dan ook niet nader worden besproken. Doel van de Deense benadering is het belang van webtoegankelijkheid op een positieve manier aan de orde te stellen. In Nederland wordt dit gedaan door middel van het project Drempels Weg, een initiatief van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Er zijn echter lidstaten die de W3C-richtlijnen op een dwingendrechtelijke wijze overnemen in de nationale regelgeving. Deze zullen hieronder worden besproken.

Duitsland

Duitsland had in vergelijking met andere lidstaten tot voor kort slechts weinig initiatieven ondernomen om webtoegankelijkheid te promoten. Op 1 mei 2002 is in Duitsland echter het zogenaamde Bundesgleichstellungsgesetz für Behinderte in werking getreden. Deze wet, die de gelijke behandeling van mensen met een functiebeperking waarborgt, bepaalt onder meer dat publiekrechtelijke organen hun internetsites toegankelijk moeten inrichten. De wet is ook gericht tot de commerciële sector, maar geldt in dat geval slechts als aanbeveling. Aan de artikelen over internettoegankelijkheid zijn rechtsverordeningen gekoppeld waarin wordt voorgeschreven dat nieuwe sites van overheidsinstanties tenminste moeten voldoen aan de prioriteit 1 en 2 WCAG 1.0 richtlijnen van het W3C. Bestaande sites krijgen tot en met 31 december 2005 de tijd om aan de richtlijnen te voldoen. Overheidssites die specifiek gericht zijn tot mensen met een functiebeperking moeten reeds op 31 december 2003 aan de richtlijnen voldoen.

Groot-Brittannië

Net als in de VS en Australië kent Groot-Brittannië een Disability Discrimination Act 1995 (DDA) waarin de gelijke behandeling van mensen op grond van handicap centraal staat. Hoewel deze wet een ruim toepassingsbereik heeft, is het voor het onderwerp webtoegankelijkheid met name interessant om te kijken naar de bepalingen die gericht zijn op het verschaffen van goederen en diensten. De DDA verbiedt alle dienstverleners direct of indirect onderscheid te maken. Indien er toch sprake is van een ongelijke behandeling dient te worden gezorgd voor aanpassingen. Als deze in redelijkheid niet kunnen worden gevergd van de dienstverlener, kan deze laatste ontkomen aan zijn verplichtingen. Hier geldt echter weer een zware bewijslast.

De wet is waar het over diensten gaat ook toepasbaar op websites. In vergelijking met Duitsland is de Engelse wetgeving echter stringenter. Naast overheidssites moeten ook commerciële websites aan de toegankelijkheidswetgeving voldoen. In de nieuwe Code Of Practice Part III, een soort toelichting op de DDA waarin staat in welke gevallen de wet van toepassing kan zijn, wordt het voorbeeld genoemd van een vliegmaatschappij die op een website reserveringsmogelijkheden aanbiedt. Als blijkt dat een gebruiker van hulpapparatuur geen gebruik kan maken van deze dienst zal de vliegmaatschappij de website moeten aanpassen zodat deze wel toegankelijk is.

De nieuwe Code Of Practice zal pas in oktober 2004 in werking treden, maar is op 27 februari 2002 al openbaar gemaakt zodat bedrijven en overheidsinstanties zich vast op de wet kunnen voorbereiden. Vreemd genoeg noemt de Code Of Practice niet aan welke voorwaarden moet worden voldaan om toegankelijk te zijn. Er wordt niet verwezen naar de W3C-richtlijnen noch naar andere richtsnoeren. Er zal dus moeten worden gewacht op een proefproces bij de rechter alvorens kan worden bepaald aan welke specifieke normen een website moet voldoen.

Groot-Brittannië probeert ook op een andere wijze de webtoegankelijkheid te bevorderen. Het Royal National Institute for the Blind (RNIB) is in het kader van het project 'See it right' sinds het begin van 2002 in staat gesteld gedurende twee jaar gratis onderzoek te verrichten naar de toegankelijkheid van circa honderd websites. Organisaties kunnen zich vrijblijvend aanmelden bij het RNIB om hun website te laten testen, maar worden alvorens tot testen wordt overgegaan, geselecteerd op representativiteit binnen een bepaalde belangengroep of binnen een bepaald thema. Inmiddels zijn binnen het 'See it right' project al diverse organisaties onder de loep genomen. Het onderzoek is gebaseerd op de W3C-richtlijnen. In Nederland verricht Drempels Weg een soortgelijk onderzoek. Drempels Weg beperkt zich echter, in tegenstelling tot het RNIB, niet uitsluitend op toegankelijkheid voor mensen met een visuele functiebeperking.

Portugal

Een petitie die is ondertekend door ruim 9000 mensen heeft in Portugal geresulteerd in de bewustwording van een toegankelijk internet. De petitie is gestuurd naar de Portugese overheid en heeft in 1999 geleid tot een tweetal resoluties. De, in het kader van dit schrijven, belangrijkste resolutie schrijft voor dat websites die door of namens de overheid zijn ontwikkeld, dienen te voldoen aan de WCAG 1.0 richtlijnen van het W3C. Deze resolutie is bindend voor alle overheidsinstellingen.

 

Italië

Alle publieke organen en agentschappen, nationaal en lokaal zijn in Italië verplicht bij wet te voldoen aan WCAG2.0. De verplichting geldt ook voor private organisaties die publieke informatie of diensten verzorgen, openbaar vervoer en telecommunicatie.

Overige lidstaten

In de overige lidstaten van de Europese Unie wordt nog gezocht naar de wettelijke status van toegankelijkheid van informatie voor gehandicapten. De Scandinavische landen leggen de nadruk op voorlichting en bewustwording in plaats van wettelijke regelgeving. Ook veel andere landen in Europa lijken een dergelijke weg in te slaan. De landen die wel wetgevingsinstrumenten hanteren, proberen daarnaast ook door middel van vrijblijvende campagnes (met name gericht op de commerciële sector) een grotere bewustwording te creëren van de problemen die mensen met een beperking ondervinden op het World Wide Web.

Gerelateerd

Tags:
Categorie:
Over toegankelijkheid
  • Delen op Facebook
  • Delen op Twitter
  • Delen op LinkedIn