Terug naar Artikelen

Wet- en regelgeving

Een overzicht van huidige en aanstaande (inter-) nationale wet- en regelgeving met betrekking tot webtoegankelijkheid.

Regelgeving in Nederland

In Nederland zijn de Webrichtlijnen een verplichte open standaard overheidsorganisaties en organisaties in de (semi-) publieke sector. Sinds 2011 bestaat Webrichtlijnen versie 2, een vernieuwde versie van de Webrichtlijnen, aangepast aan de huidige standaarden en mogelijkheden. Met de komst van Webrichtlijnen versie 2 komt de oudere versie 1 van de Webrichtlijnen op termijn te vervallen. Tot 1 januari 2015 blijft het nog mogelijk om aan de oude norm te voldoen. De Webrichtlijnen zijn van toepassing op alle websites die een organisatie beheert. Voor Rijksoverheidswebsites geldt bovendien het Besluit Kwaliteit Rijksoverheidswebsites, wat voldoen aan de Webrichtlijnen verplicht.

Om overheidsorganisaties te helpen voldoen aan de Webrichtlijnen heeft Minister Plasterk van Binnenlandse Zaken het toepassingskader laten ontwikkelen. Dit toepassingskader geeft in zo eenvoudig mogelijke taal aan hoe overheden kunnen voldoen aan de Webrichtlijnen. Naast uitleg van richtlijnen, wordt ook ingegaan op mogelijke problemen bij de implementatie. Om organisaties over voorkomende hindernissen heen te helpen, worden bezwaren tegen en fabels over de Webrichtlijnen ontkracht.

Voor overheidsorganisaties geldt het 'pas-toe-of-leg-uit' principe voor de Webrichtlijnen, zoals ook bij andere open standaarden. Alleen bij zwaarwegende bezwaren is het mogelijk af te wijken van het 'toepassen'. Mocht zo'n bezwaar voorkomen, dan is het belangrijk een correcte verantwoording (de 'leg uit') te geven.

Ook bij het 'toepassen' van de Webrichtlijnen is het belangrijk een goede verantwoording te geven. Het waarmerk Drempelvrij.nl op een website is een goede verantwoording voor conformiteit aan de Webrichtlijnen. Naast het voor de bezoeker zichtbare waarmerk, is het gekoppeld aan een gedegen, onafhankelijk onderzoek.

Wetgeving in de Europese Unie

Ook buiten Nederland wordt er actief aan webtoegankelijkheid gewerkt. Het Europees Parlement heeft op dit moment wetgeving voorbereidt om webtoegankelijkheid in al haar lidstaten te borgen. Deze ontwerpwetgeving is in februari goedgekeurd door het Europees Parlement en ligt op dit moment bij de Raad. In Europa wordt aangestuurd op conformiteit met WCAG 2.0 AA, de internationale webtoegankelijkheidsrichtlijn. Overigens voldoen Nederlandse overheden bij het voldoen aan de Webrichtlijnen versie 2 automatisch aan WCAG 2.0 AA, omdat deze internationale richtlijn volledig in de Nederlandse richtlijnen is opgenomen.

De Europese wetgeving is nog niet bekrachtigt door het parlement, maar zal een bredere toepassing dan de huidige Nederlandse wetgeving hebben. De wetgeving is gericht op alle websites van de overheid en alle websites met overheidstaken, terwijl het in de Nederlandse wetgeving slechts overheid betreft. Onder websites met overheidstaken vallen:

  1. Netwerkdiensten: gas, verwarming, elektriciteit, watervoorziening; postdiensten; netwerken en diensten voor elektronische communicatie;
  2. Vervoersgerelateerde diensten;
  3. Essentiële bank- en verzekeringsdiensten (zoals een basisbetaalrekening, inboedel- en opstalverzekering, levensverzekering of ziektekostenverzekering);
  4. Basisonderwijs, secundair onderwijs, hoger onderwijs en volwassenenonderwijs;
  5. Wettelijke regelingen en aanvullende socialezekerheidsregelingen die de fundamentele risico’s van het leven dekken (zoals die in verband met gezondheid, ouderdom, arbeidsongevallen, werkloosheid, pensionering en handicaps);
  6. Medische diensten;
  7. Kinderopvangdiensten;
  8. Andere essentiële diensten die rechtstreeks aan het publiek worden verstrekt om de sociale integratie te bevorderen en de grondrechten te beschermen;
  9. Culturele activiteiten en toeristische informatie.

Wetgeving wereldwijd

In 2006 hebben de Verenigde Naties het verdrag voor rechten van mensen met een beperking opgesteld. Al 155 landen hebben dit verdrag ondertekend, waaronder Nederland. Naast het ondertekenen van het verdrag, moet het ook bekrachtigd worden (geratificeerd). Om het verdrag te bekrachtigen dient er wetgeving ontwikkeld te worden, overeenkomstig met de afspraken in het verdrag. Nederland heeft het verdrag nog niet bekrachtigd; de goedkeurings- en invoeringswet worden in conceptvorm beschikbaar gesteld ter consultatie. Waarschijnlijk worden deze wetten na de zomer goedgekeurd en wordt het verdrag eind 2013 ingevoerd.

In het verdrag is een artikel opgenomen over toegankelijkheid, wat degenen die het ondertekenen verplicht tot het nemen van maatregelen om gelijke toegang tot ICT-voorzieningen en -diensten te garanderen. Alle diensten die beschikbaar zijn voor het publiek dienen gelijk toegankelijk zijn. Daarnaast moet de implementatie van richtlijnen en minimumnormen ontwikkeld, afgekondigd en gemonitord worden. In het artikel over toegang tot informatie wordt de toegankelijkheid van 'publiek bedoelde informatie' in toegankelijke vormen via toegankelijke technologieën gewaarborgd.

  • Delen op Facebook
  • Delen op Twitter
  • Delen op LinkedIn